De Lijn zorgt voor vergroening van het openbaar vervoer: in 2023 zullen de eerste elektrische bussen in dienst genomen worden in de regio’s Gent, Genk en Kortrijk.

De Lijn plande eind 2019 een investering van 970 elektrische bussen (inclusief laadinfrastructuur) en voorzag daarvoor in een budget van ruim 1 miljard euro. Op 19 januari 2021 paste De Lijn de selectieleidraad voor de bestelling van twee keer 200 volelektrische bussen opnieuw aan.

Vlaams volksvertegenwoordiger Stijn De Roo (CD&V) bevroeg Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters (Open Vld) hierover. Zij antwoordde: “De eerste bestelling van ongeveer 200 e-bussen zal in twee golven verdeeld worden. De eerste 63 e-bussen worden in de loop van 2023 geleverd en in dienst genomen in drie stelplaatsen (21 e-bussen per stelplaats): Destelbergen, Genk-Winterslag en Kortrijk.

Ze zullen ingezet worden op trajecten in de steden in de omgeving van deze stelplaatsen.

De tweede golf van ongeveer 140 bijkomende e-bussen zal geplaatst worden in bijkomende stelplaatsen die een brede waaier van bijkomende steden bedienen. De lijst van de stelplaatsen voor de tweede golf is nog niet goedgekeurd door het management van De Lijn. 

De e-bussen zullen verdeeld worden volgens objectieve criteria, waarbij technische en juridische haalbaarheid primeren. Een uitvoerige internationale marktverkenning, onder andere in Nederland, Duitsland en Noorwegen, heeft geleerd dat de ombouw van de stelplaatsen bij de meeste e-busprogramma’s de meeste resources in beslag neemt, meer dan de aankoop de e-bussen zelf. Daarom heeft De Lijn drie stelplaatsen voor de eerste golf geselecteerd met de kleinste technische en juridische complexiteit. Ze beschikken bijvoorbeeld over een eigen onderhoudscentrum en zijn in volledig eigendom van De Lijn, zodat de voorbereiding en implementatie met externe partners optimaal kan verlopen. Zo kan uit de voorbereiding en implementatie van de ombouw van deze stelplaatsen de nodige expertise opgebouwd worden om de latere uitrol van het EBS-programma zo vlot mogelijk te laten verlopen.”

Stijn De Roo besluit: “Met de inzet van elektrische bussen, die geen broeikasgassen uitstoten, zet De Lijn in op de vergroening van het openbaar vervoer, een stapje dichter bij de realisatie van de klimaatdoelstellingen. Het is goed dat de minister vooruit wil en daarom in eerste instantie kiest voor de technisch minst complexe stelplaatsen in de regio’s Gent, Genk en Kortrijk. Er ligt nog een grote uitdaging te wachten om ook de rest van Vlaanderen klaar te maken voor elektrische businfrastructuur !"