“De verkeersdrukte is een kenmerk geworden van onze dichtbevolkte regio. Woonkernen in de buurt van drukke autosnelwegen en gewestwegen zijn zonder meer gebaat bij opgaande en voldoende dichte begroeiing als geluidsscherm aan de randen van die grote wegen. Bovendien hebben die bomen en bosstroken een belangrijke ecologische functie als habitat voor dieren en uiteraard ook als koolstofbuffer.

Een gericht en doelmatig beheer ervan is dus belangrijk en het houdt best rekening met die verschillende functies. Hakhoutbeheer is een belangrijke en vaak toegepaste techniek, en het Agentschap Wegen en Verkeer heeft in de ‘Visie Hakhoutbeheer’ de regels daarvoor vastgelegd, conform de code goede natuurpraktijk,” stelt Vlaams volksvertegenwoordiger Stijn De Roo (CD&V).

Op zijn schriftelijke vragen antwoordde minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters (Open Vld): “Onderstaande tabellen geven enerzijds een overzicht van het aantal hectare flankerende bebossing dat langs autosnelwegen en gewestwegen gekapt werd per winterperiode en anderzijds de daaraan verbonden kosten per jaar.

Oppervlakte m²

2018-2019

2019-2020

2020-2021

Antwerpen

28.111

44.189

66.460

Limburg

58.793

46.626

23.772

Vlaams Brabant

80.020

125.330

102.363

Oost-Vlaanderen

223.997

153.077

102.180

West-Vlaanderen

136.639

74.036

4.620

Totaal

527.560

443.258

299.395

 

 

Kosten excl. BTW

2018

2019

2020

voorjaar 2021

Antwerpen

562.034,24

615.828,00

578.903,00

382.084,00

Limburg

289.572,75

137.447,40

157.667,70

106.539,40

Vlaams Brabant

513.186,52

892.699,07

667.919,47

816.480,52

Oost-Vlaanderen

721.790,90

826.971,78

702.174,40

204.982,84

West-Vlaanderen

908.595,10

557.085,00

387.126,50

205.515,00

De huidige hakhoutbestanden zijn historische aanplantingen met hoofdzakelijk inheemse soorten met een veel te dichte plantafstand voor een vlug resultaat. Het gevolg zijn te hoge en onstabiele, minder waardevolle houtbestanden die nu beheerd moeten worden vooral in functie van de verkeersveiligheid. Momenteel worden nog minimaal beplantingen in de langsbermen van wegen uitgevoerd. Dit gebeurt enkel nog door middel van inheemse soorten met een beperkte eindhoogte afhankelijk van de locatie om later hakhoutbeheer te vermijden. De soortkeuze is afhankelijk van de natuurlijke omgeving en de resistentie tegen bepaalde ziektes.

Volgens de interne richtlijnen bij het agentschap Wegen en Verkeer (AWV), en conform de code van goede natuurpraktijk (LNW/98/01), is de lengte van de zone voor het afzetten per kapbeurt afhankelijk van de lengte van de houtkant:

    1. lengte houtkant < 50 m: 1 kapbeurt;
    2. 50 m < lengte houtkant ≤ 800 m: 1⁄4 houtkant per kapbeurt per jaar en gespreid over meerdere jaren;
    3. Lengte houtkant > 800 m: houtkant opsplitsen in lengte van maximum 200 m per kapbeurt en verspreiden over verschillende jaren. Het is aan te raden hierover voorafgaand overleg te plegen met het ANB.

De beheereenheden zijn dus steeds maximaal 200 m lang. De aanwezigheid van complexen of bruggen kan eveneens aanleiding geven tot inkorting van de ‘moten’. Het is het resultaat van een technische, economische en ecologische afweging. Waar mogelijk kan gewerkt worden met overstaanders. 

Momenteel zijn de 2 prioritaire beheeropties voor houtkanten langs de wegen hakhoutbeheer of een nulbeheer. De primaire factor in de keuze van het beheer is de verkeersveiligheid. Indien er een risico naar verkeersveiligheid bestaat, is hakhoutbeheer de meest (financieel – beheertechnisch – ecologisch) optimale beheersvorm.”

Stijn De Roo: “Een gericht en doelmatig beheer van de begroeiing langsheen autosnelwegen en gewestwegen is uiterst belangrijk, waarbij rekening moet gehouden worden met de ecologische functie, de functie als koolstofbuffer en als geluidsscherm. Het is vanzelfsprekend dat de verkeersveiligheid primeert in de keuze van het beheer.

Een plotse kaalkap langsheen deze wegen moeten we vermijden. Het is positief dat – daar waar de verkeersveiligheid niet in het gedrang komt – geopteerd wordt voor voldoende dichte begroeiing met beperkte eindhoogte om hakhoutbeheer te vermijden. Zo krijgt de begroeiing een belangrijke functie als geluidsscherm voor de woonkernen in de nabijheid en is ook de ecologische functie gegarandeerd.”