Stimuleren en informeren voor meer ‘koolstofopslag in tuinen’

Publicatiedatum

Auteur

Stijn De Roo

Deel dit artikel

Uit de data van het burgeronderzoek CurieuzeNeuzen in de Tuin blijkt dat private tuinen een groot potentieel voor koolstofopslag hebben. In Vlaanderen maken ze ongeveer 12 procent van de oppervlakte uit. Uit de analyse van de bodemstalen die de deelnemers opstuurden, bleek dat het gehalte aan koolstof in de bodem varieerde tussen 0,75 en 6,3 procent, afhankelijk van de voorgeschiedenis en het huidige beheer van de tuin. 

Het gemiddelde koolstofgehalte in de toplaag van de deelnemende grasperken was 2,2 procent. Ook bleek uit de data dat kleinere tuinen, bijvoorbeeld stadstuinen, het niet per se slechter doen dan grote tuinen.

Tuinen kunnen dus een bescheiden bijdrage leveren aan het actief uit de lucht halen van CO2..  Een hoger koolstofgehalte in de bodem heeft ook voordelen op het vlak van verkoeling in de zomer en het vasthouden van water. Het stimuleren van de Vlaming om vrijwillig zijn tuin op een andere manier aan te pakken door het voorzien van juiste informatie en goede voorbeelden kan dus winst geven voor het klimaat.

Vlaams volksvertegenwoordiger Stijn De Roo (CD&V) informeerde bij bevoegd minister Zuhal Demir (N-VA) naar de resultaten van het burgeronderzoek CurieuzeNeuzen in de Tuin en naar de wijze waarop de minister de resultaten zal vertalen in haar beleid.

De minister antwoordde dat de privétuinen - samen minstens 9 procent van de Vlaamse oppervlakte - een belangrijk aandeel uitmaken van de groene infrastructuur.

In de beleidsverkenning ‘Tuinen enten op onze groene infrastructuur’ werd gezocht naar mogelijkheden om tuinen en tuincomplexen beter af te stemmen op het groenblauwe netwerk. De beleidsinstrumenten werden onder de loep genomen, met de focus op drie beleidstactieken: groenverdichting, landschapsecologie en tijdsdimensie. 

Het is zaak om de mensen zoveel mogelijk te informeren, te sensibiliseren om hun tuin zo goed mogelijk in te richten in functie van klimaatadaptatie, waterinfiltratie enzovoort.

De Green Deal Natuurlijke tuinen, een intiatief van de sector, is een goed netwerk, opgebouwd uit tuinprofessionals die werk willen maken van meer natuurlijke tuinen. Bodemkwaliteit, bodemvruchtbaarheid en dus ook koolstofopslag zijn een essentieel onderdeel van de natuurlijke tuin. Binnen deze Green Deal werd de werkgroep Bodem opgericht.

Om de  Vlaming beter te informeren werden twee concrete sensibiliserende producten ontwikkeld: een inspiratienota rond tuinen en een online tool. Zij passen in het bredere verhaal van de natuurvoordelen van tuinen, waar dus ook het vastleggen van koolstof onder valt. De inspiratienota is gericht op eenieder die een gezamenlijk tuininitiatief wil opnemen, van een gemeente tot een buurtcomité. Verschillende instrumenten worden daarvoor aangereikt.

Met de online tool Groenblauwpeil kunnen individuele burgers voor hun perceel een groenblauwscore berekenen en de score verbeteren aan de hand van tips en tricks.

Stijn De Roo: “Bij de aanleg of heraanleg van hun tuin staan mensen niet altijd stil bij maatregelen die ze kunnen nemen ten bate het klimaat maar ook op vlak van vasthouden van water, koolstofopslag, betere graszoden. Ik stel vast dat hierover heel weinig kennis is bij de mensen.

Het is belangrijk dat de Vlaming gestimuleerd wordt en geïnformeerd wordt over mogelijke maatregelen via lokale besturen, via buurtcomités en via het middenveld.

Als we erin slagen om een beter beheer te bekomen voor een deel van de privé tuinen – die 9% van de Vlaamse oppervlakte uitmaken – zou dit het klimaat ten goede komen. Op het vlak van communicatie hieromtrent kan zeker nog een tandje bijgestoken worden.”

Het volledige verslag van mijn vraag om uitleg kan je hier lezen.

Nieuws

Steeds meer ondernemingen bewust van cyberrisico’s

Vlaams volksvertegenwoordiger Stijn De Roo (cd&v) ondervroeg bevoegd minister en partijgenoot Jo Brouns over de cyberaanvallen op Vlaamse ondernemingen.

Jachtseizoenen 2021, 2022 en 2023: afschotcijfers en conclusies

De soorten die in Vlaanderen behoren tot het jachtwild zijn opgesomd in artikel 3 van het Jachtdecreet. Dat artikel verdeelt de wildsoorten in verschillende categorieën: grof wild, klein wild, waterwild en overig wild.