De Vlaamse Regering heeft de ambitie om aan te sluiten bij de Europese top op het vlak van digitalisering. De Europese Commissie gebruikt de Digital Economy and Society Index (DESI) om de voortgang naar een digitale samenleving te kunnen meten.
Vlaams volksvertegenwoordiger Stijn De Roo (cd&v) informeerde bij bevoegd minister-president Jan Jambon (N-VA) hoe hij de meest recente DESI-score evalueert en hoe hij de kloof met de digitale koplopers wil overbruggen.
Minister Jambon antwoordde dat in het onderzoek van eind 2021 in opdracht van het Stuurorgaan Vlaams Informatie- en ICT-beleid werd gefocust op het aspect ‘digitale publieke diensten’. De DESI-parameters moeten op de Vlaamse context toegepast worden.
Uit het onderzoek blijkt dat de Vlaamse digitale overheid beduidend inloopt op de Europese koplopers en dat ook onze kloof met het Europese gemiddelde groter wordt. Vlaanderen beweegt dus versneld weg uit het Europese peloton van de digitale overheid, maar staat nog steeds op dezelfde dertiende plaats als vorig jaar. Vlaanderen staat vijf plaatsen hoger dan België.
Als gevolg van de COVID-19-crisisis is het gebruik van de diensten van de Vlaamse digitale overheid flink toegenomen. Twee op drie Vlaamse internetgebruikers hebben nu online contact met de overheid. Al voor driekwart van die diensten kunnen burgers en ondernemers erop rekenen dat de overheid hun gegevens optimaal hergebruikt en dat ze niet vraagt wat ze al weet. De inspanningen op het vlak van digitale inclusie zullen geïntensiveerd worden om alle burgers aan boord te krijgen.
De online beschikbaarheid van de Vlaamse overheidsdienstverlening, het ‘digital first’-principe, neemt verder toe. Zo kunnen burgers steeds vaker terecht bij het digitale (gemeente)loket en hoeven ze niet meer in persoon naar een loket te komen. Ondernemers kunnen nagenoeg alle diensten die voor hen bestemd zijn, volledig online doorlopen. Er zal in de toekomst werk gemaakt worden van nog meer geïntegreerde digitale diensten met de lokale overheden.
Minister Jambon heeft de ambitie om voor het einde van deze regeerperiode aansluiting te vinden bij de Europese top vijf op het gebied van digitale publieke diensten.
De Vlaamse overheid heeft de laatste jaren niet heeft stilgezeten in haar digitaliseringsinspanningen. Zo werd in 2020 het relanceplan Vlaamse Veerkracht gestart, waarin digitale transformatie een van de speerpunten is. Eerder gestarte initiatieven, zoals het Vlaanderen Radicaal Digitaal 2- investeringsprogramma lopen verder.
Om nog beter te scoren op de DESI-dimensie ‘digitale publieke diensten’ en de kloof met de Europese digitale koplopers te overbruggen, zullen algemene acties en initiatieven ondernomen worden. Het gebruik van de digitale overheid zal gestimuleerd worden door verder in te zetten op het gebruik van authentieke gegevensbronnen en op de drie voornaamste e-loketten, namelijk die voor burgers, ondernemingen en verenigingen, om gebruiksvriendelijke dienstverlening mogelijk te maken. In de digitale dienstverleningsstrategie voor de Vlaamse overheden staan gebruiksvriendelijkheid en digitale inclusie centraal.
Het aanbod van de digitale overheid zal verhoogd worden door verder in te zetten op de interbestuurlijke samenwerking tussen de verschillende Vlaamse overheden om de digitale dienstverlening end-to-end aan te pakken, met bijzondere aandacht voor de grensoverschrijdende dienstverlening. Door de Single Digital Gateway-verordening moet die verplicht ondersteund worden tegen eind 2023.
Er wordt verder ingezet op het versterken van het Vlaams open data-aanbod, de motor voor alle digitaliseringsinitiatieven, die doorweegt in de DESI-evaluatie. In 2022 zal de bestaande Datavindplaats uitgebreid worden met bijkomende functionaliteiten om onze open data makkelijker vindbaar te maken.
Er zullen gerichte acties ondernomen worden om de specifieke digitale diensten die in het DESI-onderzoek geëvalueerd worden verder te verbeteren. Een aantal DESI-parameters kan met een paar administratieve handelingen worden verricht en verhogen onze plaats in de ranking.
De Europese top vijf, met name Estland, Denemarken, Finland, Malta en Zweden, biedt veel inspiratie en toont de innovatieve mogelijkheden van de digitale overheid. Tegelijkertijd heeft Vlaanderen zijn eigen unieke context, waarmee het Stuurorgaan Vlaams Informatie- en ICT-beleid rekening moet houden bij zijn verdere initiatieven op het vlak van de overheidsdigitalisering.
Stijn De Roo: “Ik ben tevreden met het antwoord van de minister.
Het opendata-aanbod is iets waar nog heel wat winsten te boeken vallen, en vooral het beter ontsluiten zodat iedereen weet dat die data er zijn. Het kan tevens een motor zijn voor innovatie om onze data-economie verder op gang te trekken, iets waar Vlaanderen een aantal zeer sterke bedrijven in heeft, niet alleen Europese maar ook wereldspelers.
Ik hoop dat de ambitie om tot de top vijf op het vlak van de digitale diensten te horen, slaagt.”
Het volledige verslag van mijn vraag om uitleg vind je via deze link.