Snellere terugkoppeling naar lokale besturen over PFOS- en PFAS-staalnames noodzakelijk!

Publicatiedatum

Auteur

Stijn De Roo

Deel dit artikel

Naar aanleiding van de bodemverontreiniging rondom de site van 3M in Zwijndrecht startte in juni 2021 een inventarisatieronde om potentiële andere bronnen van PFOS en PFAS in Vlaanderen in kaart te brengen. De Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (OVAM) voerde een eerste ruwe inventarisatiestudie uit naar het voorkomen van bodemverontreiniging met PFAS voor elk grondgebied.

Aan de lokale besturen werd gevraagd om deze data met betrekking tot VLAREM- en VLAREBO-rubrieken waar mogelijk activiteiten onder vallen waarbij PFAS zijn gebruikt, na te kijken, en gecorrigeerd of aangevuld terug te bezorgen aan de OVAM.

Uiterlijk op 1 juli werd feedback gevraagd met betrekking tot terreinen waar in het verleden een ernstige industriële brand gewoed heeft en waar werd geblust met fluorhoudend blusschuim, of waar met blusschuim werd geoefend. Uiterlijk op 15 juli werd feedback gevraagd met betrekking tot de andere terreinen. De screening van deze data bezorgde de steden en gemeenten en zware bijkomende werklast boven op de reguliere werking.

Op basis van de inventarisatie besliste de OVAM om bijkomende onderzoeken uit te voeren. Verschillende locaties met een verhoogd risico op verontreiniging werden en worden onderzocht door middel van een verkennend bodemonderzoek. Er zou voorrang worden gegeven aan de terreinen met de grootste kans op verontreiniging en terreinen nabij woonzones en drinkwaterwinningen.

Vlaams volksvertegenwoordiger Stijn De Roo (CD&V) ondervroeg bevoegd minister Demir (N-VA) over de resultaten van de bijkomende onderzoeken uitgevoerd op basis van de inventarisatie en de daarover geplande communicatie met de lokale besturen die op zich laat wachten.

De minister antwoordde dat het de bedoeling is de locaties met verhoogd risico op verontreiniging met PFAS versneld te onderzoeken zodat er duidelijkheid komt over het al dan niet treffen van voorzorgsmaatregelen of no-regretmaatregelen. Ook wordt er in deze onderzoeken bekeken of verder onderzoek door de saneringsplichtige noodzakelijk is. Van de 803 locaties die intussen geïnventariseerd zijn, zijn inmiddels 284 locaties in onderzoek of afgerond. Er zijn ongeveer 120 officiële rapporten binnengekomen, waarvan er 116 door de OVAM opgestart werden. Van 51 van de 803 locaties is uitgeklaard dat er toch geen PFAS-verdachte activiteiten hebben plaatsgevonden. Deze oefening loopt uiteraard verder.

Eind vorig jaar zijn dus de eerste dossiers definitief afgehandeld. De betrokken lokale besturen werden hier per brief en per mail van op de hoogte gebracht en kregen een link naar de rapporten van de onderzoeken.

In de eerste maanden na de opstart van de verkennende onderzoeken is vooral gefocust op de kwaliteit van deze onderzoeken en is er regelmatig bijsturing moeten gebeuren. Ook werd er een onderzoeksprotocol opgemaakt voor het uitvoeren van deze verkennende bodemonderzoeken. Vandaar dat de opstart wel enige tijd in beslag heeft genomen.

Vanaf eind vorig jaar worden wekelijks brieven in verband met verkennende bodemonderzoeken verstuurd en deze resultaten worden teruggekoppeld met de lokale besturen.

Voorlopig kan gemeld worden dat de resultaten zeer uiteenlopend zijn: gaande van conclusies dat geen verder onderzoek nodig is en de no-regretmaatregelen afgebouwd kunnen worden tot verstrenging van no-regretmaatregelen. Over het algemeen kan, op basis van de momenteel ingediende onderzoeken, gezegd worden dat er voor de meeste locaties nog verder onderzoek nodig is.

Gemeenten worden op verschillende momenten geïnformeerd. In eerste instantie staat op de PFAS-website een lijst van de sites met de hoogste prioriteit voor onderzoek. Voorafgaand aan de publicatie op de website worden de lokale besturen hiervan op de hoogte gebracht door het team van de opdrachthouder en de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG).

Vervolgens krijgt de gemeente ook info over de bodemonderzoeken die volledig zijn beoordeeld door de OVAM en het agentschap Zorg en Gezondheid. Waar nodig gebeurt ook nog afstemming met andere entiteiten zoals het Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen (FAVV) en de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM).

Momenteel wordt bekeken hoe de gegevens van de staalnames al voorafgaand aan de beoordeling door de OVAM aan de lokale besturen kunnen worden bezorgd. De lokale besturen moeten de burgers zo snel en volledig mogelijk kunnen informeren.

Er werd tot nu toe voor gekozen om pas te communiceren over de onderzoeksresultaten nadat het volledige rapport niet alleen opgeleverd maar ook beoordeeld werd. Dit om te vermijden dat iedereen de resultaten zelf interpreteert en conclusies trekt, die dan mogelijk niet overeenkomen met de deskundige adviezen opgemaakt door het agentschap Zorg en Gezondheid en de OVAM. Enkel de correcte versie van een rapport mag verspreid worden. Momenteel wordt bekeken of en hoe de data van de staalnames al eerder kunnen worden doorgegeven.

De OVAM start een vijftigtal dossiers per maand op. Er wordt voorrang gegeven aan terreinen met de grootste kans op bodemverontreiniging en terreinen gelegen in drinkwaterwingebieden en nabij woonzones. Bij de opstart van de dossiers wordt contact opgenomen met het lokale bestuur.

Momenteel loopt het verder screenen van de lijst van ongeveer vierduizend locaties die werd opgemaakt op basis van de inventarisatie-oefening van de lokale besturen. Er komt nog feedback over de globale inventarisatie-oefening met de lokale besturen. De OVAM heeft ervoor geopteerd om deze feedback in eerste instantie toe te spitsen op de terreinen met de hoogste prioriteit, zodat de onderzoeken daar zo snel mogelijk kunnen worden opgestart. Over de verdere inventarisatie zal stelselmatig verdere feedback worden verleend in de loop van 2022.

Stijn De Roo: “Uit de cijfers blijkt dat het PFAS-dossier en de inventarisatie in onze steden en gemeenten een grote schaal aanneemt. Er is uiteraard begrip voor de grote werkdruk bij OVAM en voor het feit dat er prioriteiten moeten worden gesteld.

Snellere terugkoppeling naar de lokale besturen over de specifieke resultaten op hun grondgebied is noodzakelijk. Hoe vlugger de lokale besturen de resultaten ontvangen, hoe vlugger zijn hun bevolking daarover kunnen informeren en hoe vlugger de verdere geplande onderzoeken kunnen plaatsvinden.”

Het volledige verslag van mij vraag kan je hier lezen.

Nieuws

Vacature parlementair assistent van Vlaams volksvertegenwoordiger Stijn De Roo (halftijds)

Ben je gebeten door politiek en wil je bijdragen aan een vlotte werking achter de schermen? Dan ben jij de halftijdse parlementair assistent die ik zoek!

De Grondwet mag geen blokkade worden: tijd om Artikel 23 te hervormen

‘Beleid gijzelen door de grondwet te misbruiken, dat moet stoppen’, schrijft Stijn De Roo (cd&v). ‘Verworven rechten verdienen bescherming. Maar in de praktijk is dat principe ontspoord.’

OVAM wil bodeminformatie verder ontsluiten

OVAM beschikt over een groot aantal bodemrapporten. Burgers kunnen via een webformulier een digitale versie van een bodemrapport aanvragen.