Vlaanderen werkt aan Code Goede Praktijken voor vul- en spoelplaatsen

Publicatiedatum

Auteur

Stijn De Roo

Deel dit artikel

Het Vlaams Actieplan Duurzaam Pesticidengebruik tot 2027 maakt deel uit van het door de EU-Richtlijn 2009/128/EG geplande Nationale Actieplan NAPAN. In het Actieplan is bepaald om over vul- en spoelplaatsen “de knelpunten in VLAREM rond de aanleg en vergunning ervan aan te pakken.”

VLAREM is het Vlaams reglement betreffende de milieuvergunning.

In 2015 werd door Inagro in samenwerking met enkele projectpartners een praktische leidraad gepubliceerd over de zuivering van restvloeistoffen van het spuittoestel. Die praktische leidraad kwam voort uit de projecten Bioremediatie West en Bioremediatie Oost, beide gefinancierd door de Europese Unie en het Departement Landbouw en Visserij.

Momenteel wordt gewerkt aan de actualisatie van de code voor goede praktijk voor vul- en spoelplaatsen en aan het tot stand komen van een lijst met erkende systemen voor de behandeling van restvloeistoffen.

Vlaams volksvertegenwoordiger Stijn De Roo (cd&v) stelde hierover volgende vragen aan de bevoegde minister:

  1. Wat is stand van zaken van de actualisatie van de code voor goede praktijk voor vul- en spoelplaatsen? Welke stappen werden daarin al gezet en wat is de timing voor de realisatie?
  2. Wat is de stand van zaken van het tot stand komen van een lijst met erkende systemen voor de behandeling van restvloeistoffen? Welke stappen werden daarin al gezet en wat is de timing voor de realisatie?
  3. Wat is de stand van zaken van actie VLA.2.7.6 over het aanpakken van de knelpunten in VLAREM over de aanleg en vergunning van vul- en spoelplaatsen? Welke stappen werden daarin al gezet en wat is de timing voor de realisatie?
  4. Op welke manier zijn de auteurs van de praktische leidraad uit 2015 betrokken bij die trajecten?
  5. Welke communicatie plant de minister bij het afwerken van die trajecten?

Minister Brouns antwoordde:

"Vandaag ontbreekt het aan gedetailleerde technische adviezen voor de aanleg van vul- en spoelplaatsen. Een technische werkgroep, getrokken vanuit het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, in samenwerking met de andere bevoegde overheden, zijnde het Departement Omgeving, de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (OVAM) en de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM), werken daarom momenteel aan een beleidsdocument ‘Code Goede Praktijken’ rond de technische vereisten voor de aanleg van vul- en spoelplaatsen en watercaptatiepunten. We verwachten dat het document beschikbaar en gepubliceerd zal worden in de loop van 2026.

Op zich bestaat er geen lijst van erkende systemen. Voor de exploitatie van systemen die onder de omschrijving van de rubriek 2.3.3 b ‘opslag en biologische behandeling van restvloeistoffen’ en rubriek 2.3.2.f opslag en fysisch- chemische behandeling van restvloeistoffen’ van de indelingslijst van titel II van het VLAREM vallen moet een vergunning aangevraagd worden. In de code van goede praktijk worden onder rubriek 2.3.3 b ‘opslag en biologische behandeling van restvloeistoffen’ de fytobak/Phytobac® en de biofilter beschreven. Onder rubriek 2.3.2.f opslag en fysisch- chemische behandeling van restvloeistoffen was al het Sentinel® systeem beschreven. In deze laatste categorie zijn recent, na intensieve evaluatie, nu ook de RemDry® en de Heliosec® opgenomen. Met deze aanvulling is er nu een volledig gamma aan afvalverwijderingssystemen beschikbaar voor de praktijk. Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij zal hierover communiceren naar de sector via de nieuwsbrief en studiedagen.

Er is een constructieve samenwerking tussen het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, het Departement Omgeving, VMM en OVAM, om de knelpunten in kaart te brengen en weg te werken. Het traject hiertoe is gestart, waarbij eerst prioriteit gegeven wordt aan het valideren van de Code Goede Praktijk voor de aanleg van vul- en spoelplaatsen en watercaptatiepunten. Vervolgens wordt bekeken of en hoe eventuele knelpunten en onduidelijkheden in de wetgeving weggewerkt kunnen worden. Een concrete timing hiervoor kan nog niet gegeven worden. We hopen de voorbereiding ten laatste in de loop van het voorjaar 2026 te kunnen afronden, zodat het wetgevend traject nog in 2026 kan starten. Indien een plan-MER moet opgemaakt worden, vereist dit echter de nodige tijd. Gelet op deze onzekerheid kan op dit moment geen richtdatum gegeven worden voor het finaliseren van een aanpassing van de VLAREM.

De praktische leidraad uit 2015 voor de zuivering van restvloeistoffen werd opgemaakt onder de coördinatie van Inagro. De Code Goede praktijk voor de aanleg van vul- en spoelplaatsen en watercaptatiepunten zal ruimer gaan dan enkel de afvalverwerkingsystemen die in de leidraad 2015 in detail werden opgenomen. De nieuwe code zal bijvoorbeeld op gedetailleerde wijze ingaan op de aanleg van de vul- en spoelplaats zelf. De praktijkcentra en de auteurs die in 2015 betrokken waren zijn in de mate van het mogelijke ook nu betrokken bij de opmaak van de nieuwe code goede praktijken. Het betreft o.a. INAGRO, Viaverda en het Proefcentrum Fruitteelt vzw (pcfruit).

De minister zal bij het afwerken van zowel de code als de aanpassing van de wetgeving via de geijkte kanalen communiceren. Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij zal de sector onder andere informeren via de website, nieuwsbrief, studiedagen, … Daarnaast zal er ook gerichte voorlichting en advies gegeven worden door de praktijkcentra die zich intensief inzetten rond waterkwaliteit. In deze praktijkcentra kunnen telers vandaag al terecht voor gedetailleerd advies rond de aanleg van een vul- en spoelplaats met al dan niet bijhorend afvalverwerkingssysteem."

Nieuws

Stand van zaken van het aanpakken van gevaarlijke punten in Oost-Vlaanderen

Locaties waar veel ongevallen gebeuren, komen op de lijst van gevaarlijke punten te staan. Een punt wordt als ‘gevaarlijk’ benoemd zodra er minstens drie ongevallen gebeurden met letsels.

De Lijn houdt geen historisch overzicht van snelheidsmetingen bij

Heel wat Gentenaars die in de buurt van de Gentse tramlijnen wonen, worden geconfronteerd met geluidshinder. Op bepaalde delen van de routes gelden snelheidsbeperkingen. Zo is de snelheid van de tram in de Bernard Spaelaan beperkt tot 15 kilometer per uur.

Buitenlandse voertuigen stapelen parkeerboetes op

Het aantal buitenlandse wagens dat parkeerboetes blijven opstapelen blijft hoog in Gent. Dat blijkt uit cijfers die gemeenteraadslid Stijn De Roo (cd&v) opvroeg bij schepen van Mobiliteit Joris Vandenbroucke (Voor Gent).